Vandaag mocht ik met dertig van onze studenten fotografie deelnemen aan de masterclass van Erwin Olaf in het Rijksmuseum. Een ontmoeting met een van de bekendste levende Nederlandse kunstenaars van deze eeuw, tussen de grootste kunstwerken uit de Nederlandse geschiedenis. Dat is bijzonder, maar wat kregen we ervan mee?

Het Rijksmuseum is voor Erwin Olaf al sinds zijn jeugd een inspiratiebron. Je laten inspireren door je voorgangers en tijdgenoten, dat is een van de adviezen die de fotograaf vandaag meegaf aan de studenten fotografie. ‘Verdwaal in het museum, ga in je eentje, niet samen met je vriendjes die je afleiden. Loop tussen alle kunstwerken die hier zijn, er is altijd wel iets dat je aandacht trekt. Dat hoort dan bij jou.’

Kerncollectie

Op zijn zestigste verjaardag droeg Erwin Olaf de kerncollectie van zijn werk over aan het Rijksmuseum. Hij schonk het museum 500 werken, waaronder afdrukken, magazines, posters, video’s. Uit die collectie zijn nu 12 beelden te zien van de kunstenaar, naast 12 beelden uit de collectie van het museum die hem inspireerden.

Tijdens de masterclass laat hij onder meer zien hoe de carnavaleske figuren van Jeroen Bosch hem inspireerden tot een aantal van zijn beroemde geworden figuren in wonderlijke leren pakken. Nu hangt Olaf zelf tussen het cultuurgoed dat hem inspireert. Daarmee is hij opgenomen in de canon van de nationale kunstgeschiedenis.

Beeld: Rijskmuseum

Originaliteit?

Tijdens zijn masterclass vertelt Erwin Olaf over zijn eigen inspiratiebronnen, en hoe hij die gebruikte. Hij citeert Picasso: steal whatever you can steal. ‘Originaliteit?’ lachte Olaf op een vraag van de presentator, ‘sodemieter toch op! Iedereen probeert origineel te zijn, maar leer eerst maar eens goed te zijn!’ Om het vak te leren is het belangrijk naar het werk van de anderen te kijken, en er onbeschaamd van mee te nemen wat bij je past.

Dat is voor de fotograaf de basis van een geslaagde loopbaan; eerst het ambacht leren. Nadenken over de inhoud, en over je plek in de wereld van fotografie, dat komt later wel. Dat nadenken is voor Olaf altijd een belangrijk deel van zijn werk geweest, vertelt hij. Hij gebruikt zijn fotografie als middel om met het leven om te gaan. Even teruggaan naar wie je bent, waar je staat; daarvoor is introspectie en het kritisch bekijken van eigen werk een prachtig middel.

 

Toekomst 

‘Een beschouwende blik op jezelf bespaart je de gang naar een therapeut’ lacht Olaf vrolijk. De zestigjarige Olaf komt over als iemand die kan genieten van waar hij staat en wat hij doet. Hij lacht veel, is losjes en ge├»nteresseerd in de studenten om hem heen. Hij laat zien dat hij niet vastzit in de status van gearriveerde kunstenaar, maar juist meegaat in de ontwikkelingen van nu.

Een belangrijke ontwikkeling in de fotografie is de opkomst van bewegend beeld, stelt Olaf. ‘Zoals de fotografie de opvolger van de schilderkunst is, zo neemt film nu die plek in. De toekomst van fotografie ligt in bewegend beeld, kijk naar de ultrakorte filmpjes zoals je nu in Abri’s ziet. Als ik nu fotografie studeerde zou ik me op film toeleggen.’

Vijf jaar

Erwin Olaf sluit af met een welgemeend advies aan de fotografen van de toekomst. ‘Werk na je opleiding vijf jaar lang zo hard als je kan. Geef jezelf die tijd, om te leren en je te ontwikkelen. Als er na die vijf jaar nog geen sprake is van een echte loopbaan in de fotografie, is het waarschijnlijk tijd om uit te kijken naar iets anders. Maar werk er hard voor; dan heb je het in ieder geval geprobeerd.’

foto Rijksmuseum

De expositie 12x Erwin Olaf is t/m 22 september te zien in de Philipsvleugel van het Rijksmuseum. Een podcast waarin de fotograaf vertelt over zijn werk en de samenwerking met het Rijksmuseum is hier te vinden op het podcast kanaal van het Rijksmuseum.

Please like & share: